Introductie:

Pablo Picasso was een Spaans kunstschilder, tekenaar, beeldhouwer, grafisch kunstenaar en keramist. Hij was één van de bekendste Spaanse kunstschilders.

Pablo Picasso was een beroemdheid en er was vaak veel interesse voor zijn persoonlijke leven naast zijn kunst. Naast zijn vele artistieke prestaties, had Pablo Picasso een filmcarrière, inclusief een cameo-optreden in Jean Cocteaus Testament van Orpheus. Hij speelde altijd zichzelf in zijn filmoptredens. In 1955 hielp hij bij het maken van de film Le Mystère Picasso (‘Het mysterie van Picasso’), geregisseerd door Henri-Georges Clouzot.


   


Biografie:

Na gestudeerd te hebben aan de kunstacademie Real Academia de Bellas Artes de San Fernando in Madrid ES, maakte Pablo Picasso zijn eerste reis naar Parijs FR in 1900, toen de kunsthoofdstad van Europa. Daar ontmoette hij zijn eerste Parijse vriend, de journalist en dichter Max Jacob, die Pablo Picasso heeft geholpen met het leren van de taal en haar literatuur. Zij  deelden een appartement; Max sliep ’s nachts, terwijl Picasso overdag sliep en ’s nachts werkte. Het waren tijden van ernstige armoede, kou en wanhoop. Veel van zijn werk werd verbrand om de kleine woning warm te houden.

Gedurende de eerste vijf maanden van 1901 woonde Pablo Picasso in Madrid ES, waar hij en zijn anarchistische vriend Francisco de Asis Soler het tijdschrift Arte Joven (‘Jonge kunst’) oprichtten. Er verschenen vijf nummers van. Soler maakte de artikelen en Pablo Picasso illustreerde het tijdschrift, meestal grimmige spotprenten die sympathiseren met de armen. Het eerste nummer werd gepubliceerd op 31 maart 1901; de kunstenaar begon toen zijn werk met Pablo Picasso te signeren, daarvoor deed hij dit met Pablo Ruiz y Picasso.

In 1905 werd Pablo Picasso een favoriet van de Amerikaanse kunstverzamelaars Leo Stein en Gertrude Stein. Hun oudere broer Michael Stein en zijn vrouw Sarah waren ook verzamelaars van zijn werk. Pablo Picasso schilderde portretten van zowel Gertrude Stein als haar neef Allan Stein. Gertrude Stein werd Pablo Picasso’s voornaamste beschermvrouw; ze verwierf zijn tekeningen en schilderijen en exposeerde ze in haar informele Salon in haar huis in Parijs FR. Op een van haar bijeenkomsten in 1905, ontmoette hij Henri Matisse, een levenslange vriend en rivaal. De Steins stelden hem voor aan Claribel Cone en haar zus Etta, Amerikaanse kunstverzamelaars van schilderijen van Picasso en Matisse. Uiteindelijk verhuisde Leo Stein naar Italië en Michael en Sarah Stein werden beschermheren van Matisse, terwijl Gertrude Stein werken van Pablo Picasso bleef verzamelen.

In 1907 trad Pablo Picasso toe tot een kunstgalerie in Parijs FR die recent was geopend door Daniel-Henry Kahnweiler, een Duitse kunsthistoricus en kunstverzamelaar. Hij werd bekend in Parijs FR vanaf 1907, omdat hij een van de eerste verdedigers van het kubistische werk van Pablo Picasso en Georges Braque was.

In het begin van de 20e eeuw verbleef Pablo Picasso in Barcelona ES en Parijs FR. In 1904 ontmoette hij Fernande Olivier, een bohemienne en kunstenares die zijn minnares werd. Olivier komt in veel van zijn schilderijen uit de zogenaamde ‘roze periode’ voor. Na het verwerven van roem en wat geld, verliet Pablo Picasso Olivier voor Marcelle Humbert, die hij Eva Gouel noemde. Pablo Picasso’s liefde voor Eva blijkt in veel van zijn kubistische werken. Pablo Picasso werd verwoest door haar vroegtijdige dood in 1915, door een ziekte, op de leeftijd van 30 jaar.

Na de Eerste Wereldoorlog maakte Pablo Picasso kennis met Serge Diaghilevs Ballets Russes. Onder zijn vrienden tijdens deze periode waren Jean Cocteau, Jean Hugo, Juan Gris en anderen. In de zomer van 1918 trouwde Pablo Picasso met Olga Chochlova, een ballerina bij Sergei Diaghilevs gezelschap. Zij brachten hun huwelijksreis door in de villa van de glamoureuze Chileense kunstbeschermheilige Eugenia Errázuriz in de buurt van Biarritz. Chochlova introduceerde Picasso in de hogere kringen, formele diners, en alle sociale geneugten in het Parijse leven van de rijke jaren 1920. De twee kregen een zoon, Paulo, die zou uitgroeien tot een losbandige motorcoureur en chauffeur van zijn vader. Chochlova’s fatsoensnormen botsten met Picasso’s bohemien-leefstijl en de twee leefden in een toestand van voortdurende conflicten. In dezelfde periode werkte Picasso samen met Diaghilevs groep; hij en Igor Stravinsky werkten aan het ballet Pulcinella in 1920. Picasso maakte van de gelegenheid gebruik om verschillende schetsen van de componist te maken.

In 1927 ontmoette Pablo Picasso de 17-jarige Marie-Thérèse Walter en begon een geheime affaire met haar. Picasso’s huwelijk met Chochlova eindigde in een scheiding van tafel en bed in plaats van echtscheiding, want de Franse wet vereiste een gelijkmatige verdeling van de eigendommen in het geval van echtscheiding, en hij wilde Chochlova niet de helft van zijn vermogen geven. De twee bleven wettelijk getrouwd tot Chochlova’s dood in 1955. Picasso had een langdurige affaire met Marie-Thérèse Walter en verwekte een dochter, Maia, bij haar. Marie-Thérèse leefde in de ijdele hoop dat Picasso op een dag met haar zou trouwen, en verhing zich vier jaar na de dood van Picasso. Gedurende zijn hele leven had Picasso een aantal minnaressen naast zijn vrouw of primaire partner. Picasso was twee keer getrouwd en had vier kinderen bij drie vrouwen. De fotografe en schilder Dora Maar was ook een voortdurende metgezel en minnares van Picasso in de late jaren 1930 en begin 1940.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef Pablo Picasso in Parijs FR, terwijl de Duitsers de stad bezet hadden. Pablo Picasso’s artistieke stijl paste niet in de nazi-opvattingen over kunst, zodat hij niet in staat was om zijn werk te laten zien tijdens deze periode. Hij bleef schilderen in die tijd. Hoewel de Duitsers bronsgieten verboden in Parijs FR, werd het brons voor hem gesmokkeld door het Franse verzet.

In 1955 kocht hij villa La Californie in de omgeving van Cannes, in 1958 het Chateau de Vauvenargues en in 1961 villa Notre-Dame-de-Vie in Mougins.

Pablo Picasso overleed op 8 april 1973 op 91-jarige leeftijd aan de gevolgen van een longontsteking. Hij ligt begraven bij Château de Vauvenargues in Vauvenargues bij Aix-en-Provence in Frankrijk.

De Franse staat verwierf in 1990 via een nalatenschap van Pablo Picasso en diens vrouw Jacqueline Roque een groot aantal kunstwerken.



Pablo Picasso’s loopbaan kan worden ingedeeld in verschillende perioden. Samen met Georges Braque ontwikkelde hij in de jaren 19051915 het kubisme.  Picasso heeft tijdens zijn leven enorm veel kunstwerken gemaakt. Er is geen officiële lijst waarin zijn gehele oeuvre staat opgesomd. Hieronder volgt daarom een globaal overzicht van Picasso’s oeuvre, waarin de belangrijkste werken worden genoemd binnen de betreffende perioden van Picasso’s loopbaan.
Blauwe periode. Tijdens Picasso’s blauwe periode, de tijd dat hij in armoede in Parijs woonde (1901-1904), maakt hij sombere schilderijen in donkere en sombere kleuren, hoofdzakelijk blauw, groen, zwart en paars. Voorbeelden van werken uit Picasso’s blauwe periode zijn Desemparats (1903) en The Madman (1904).
Roze periode. Geleidelijk werd Picasso bekender en kreeg hij zijn eerste successen. Ook kreeg hij aan het einde van zijn blauwe periode een relatie met Fernande Olivier. Door zijn succes en zijn relatie met Fernande Olivier werd Picasso minder somber, wat in zijn schilderijen tot uitdrukking kwam door het gebruik van zachte tinten blauw en roze. Door het vele gebruik van roze kleuren in het werk uit deze periode, heeft de periode de naam ‘roze periode’ meegekregen. De onderwerpen van zijn schilderijen zijn in deze periode vaak geïnspireerd op het circus, dat Picasso en Fernande vaak samen bezochten. Voorbeelden van werken uit de roze periode zijn het Portret van Señora Canals en Circusartiest en jongen.
Kubistische periode. In Parijs kwam Picasso in aanraking met primitieve Afrikaanse en Polynesische beeldhouwwerken, die hem inspireerden tot het afbeelden van totemfiguren en maskers in zijn schilderijen. Picasso experimenteerde constant met nieuwe technieken en werkte aan een minder naturalistische, meer geometrische stijl. Door een hardere en strakkere uitdrukkingswijze en het gebruik van meer en dikkere lagen verf ontstond een geheel nieuwe stijl: het kubisme. Samen met Georges Braque wordt Picasso gezien als uitvinder van deze moderne kunststroming. Enkele belangrijke werken uit de kubistische periode van Picasso zijn Les Demoiselles d’Avignon (1907), dat wordt gezien als het eerste echte kubistische werk en Blanquita Suárez (1917).
Klassieke periode. Door de uitbraak van de Eerste Wereldoorlog moesten veel vrienden van Picasso in militaire dienst, waardoor Picasso zich eenzaam en afgezonderd ging voelen. Toen in 1915 zijn geliefde ‘Eva’ ook nog overleed werden deze gevoelens nog sterker. Picasso kon zich niet meer concentreren op zijn werk en werd depressief. In 1917 werd Picasso door Jean Cocteau meegenomen naar Rome, waar hij achterdoeken, decors en kostuums ging ontwerpen voor een Russisch balletgezelschap genaamd Les Ballets Russes. Picasso verdiepte zich in de klassieke kunst en trouwde een lid van het balletgezelschap. Picasso’s nieuwe vrouw maakte van hem een kunstenaar voor de hogere kringen en Picasso leidde vanaf dat moment een snobistisch leven. In deze periode maakte Picasso vooral schilderijen die doen denken aan de stijl van de renaissance en het neoclassicisme. Voorbeelden van klassieke werken van Picasso zijn De absintdrinker en Zelfportret.
Surrealistische periode  Tussen 1925 en 1930 ontstond in Europa een nieuwe kunststroming die uiteindelijk net zo belangrijk werd als het kubisme: het surrealisme. Picasso raakte beïnvloed door deze nieuwe stijl en experimenteerde verder met vormen, stijlen en kleuren. In zijn surrealistische periode maakte Picasso surrealistische schilderijen en ijzerdraadconstructies. Een voorbeeld van een surrealistisch werk van Picasso is De dans.
Abstracte periode.  Via het surrealisme kwam Picasso terecht bij abstracte werken. Hij ging steeds abstracter werken, maar er was altijd nog wel te zien wat er was afgebeeld. Voorbeelden van abstracte werken van Picasso zijn Abstract hoofd en Abstract portret. Dit is de meest bekende periode, ook wel de Picasso-stijl genoemd.


 Pablo Picasso, Les Demoiselles d’Avignon, 1907, Olieverf op doek, 243,9 x 233,7 cm. The Museum of Modern Art New York US.


Naam: Pablo Diego José Francisco de Paula Juan Nepomuceno María de los Remedios Cipriano de la Santísima Trinidad Ruiz y Picasso.
Geboren: Málaga ES, 25 oktober 1881.
Overleden: Mougins FR, 8 april 1973.
Nationaliteit: Spaanse.
Woon / werkplaatsen:

  • 1881 – ????, Málaga ES.
  • 1895 – ????, Barcelona ES.
  • 1940 – 1945? Parijs FR.
  • 1955 – ????, Omgeving van Cannes FR
  • 1958 – ????, Chateau de Vauvenargues FR.
  • 1961 – 1973, Villa Notre-Dame-de-Vie, Mougins FR.

Kunstopleiding:

  • Hogere klassen kunstacademie La Lonja.
  • Real Academia de Bellas Artes de San Fernando, Madrid ES.

Toelagen / residenties:
Functies kunstwereld:
Onderscheidingen:
Actieve periode:


Vertegenwoordiging: Succession Pablo Picasso Bonn.
Contactpersoon:
Adres:
Telefoon: +31(0)
Email:
Website:
Emedia:


Kunstvormen: Schilderijen, Sculpturen, Keramiek.
Kunstperioden: Modern.
Kunststromingen:

  • Kubisme | FR | 1905 – 1920 | Schilderijen, Sculpturen | Modern, Hedendaags.

Technieken:
Bekende werken:

  • 1937, ‘Guernica’ weergave van Duits bombardement op deze stad in 1937, tijdens de Spaanse Burgeroorlog. Museo Nacional Centro de Arte Reina Sofía in Madrid.
  • 1907, ‘Les Demoiselles d’Avignon, dat door veel kunsthistorici gezien wordt als het beginpunt van de schilderkunst van de 20e eeuw. Museum of Modern Art (MOMA) New York US.
  • 1937, ‘The Weeping Woman’, Picasso’s geliefde Dora Maar was model.
  • 1963, ‘Tête de femme’ (Jacqueline) portret van zijn tweede vrouw.

Projecten / opdrachten:
Kunstgroepen:
Kunstrelaties:

  • Alexander Archipenko | UA 1887 – 1964 US | Sculpturen | Modern | Kubisme.
  • George Braque | FR 1882 – 1963 FR | Schilderijen, Sculpturen | Modern | Kubisme.
  • Robert Delaunay | FR 1885 – 1941 FR | Schilderijen | Modern | Kubisme, Orphisme.
  • Marthe Donas | BE 1885 – 1967 BE | Schilderijen | Modern | Kubisme.
  • Juan Gris | ES 1887 – 1927 FR | Schilderijen, Collages | Modern | Kubisme.
  • Henri Matisse.
  • Max Weber | PL 1881 – 1961 US | Schilderijen, Sculpturen | Modern | Kubisme.

Leraar van / invloed op:
Leerling van / invloed van:


Museumcollecties:

Overheidscollecties:
Private collecties:

Galerie collecties:


Museumexposities: (Solo / Duo / Groep / ?)

  • 08.03.2018  –  09.09.2018: Tate Modern, Londen GB, First solo Pablo Picasso at Tate Modern.
  • 13.10.2016 – 05.03.2017: Museum Beelden aan Zee, Scheveningen NL, Picasso aan Zee, Keramiek & Sculptuur.
  • 26.10.2016 – 05.03.2017: Paleis voor Schone Kunsten van Brussel BE, Over Picasso. Sculptures.
  • 20.10.2014 – 16.02.2015: The Metropolitan Museum of Art, New York US, Cubism; The Leonard A. Lauder collection, BRAOUE & GRIS & LEGER & PICASSO.
  • 05.10.2012 – 23.01.2013: Guggenheim Museum New York US, Picasso Black and White.
  • 05.10.2012 – 23.01.2013: Guggenheim Museum New York US, Picasso Black and White.
  • 2011, ‘Picasso in Parijs, 1900-1907’ van Gogh Museum, Amsterdam NL.
  • 2011, ‘Pablo Picasso from Musée National Picasso Paris’, Fine Arts Museums of San Francisco US.
  • 2010, ‘Picasso and the Avant-Garde in Paris’, Philadelphia Museum of Art, Philadelphia US.
  • 2010, ‘Picasso: Peace and Freedom’, Tate Liverpool, Liverpool GB.
  • 2009, ‘Picasso: Challenging the Past’, National Gallery, Londen GB.
  • 2009, ‘Picasso Cézanne’, Musée Granet, Aix-en-Provence FR.
  • 2009 – 2010, ‘Pablo Picasso: Meisterwerke aus dem Musée Picasso’, Ateneum in Helsinki.
  • 2008, ‘Picasso in Den Haag’, Gemeentemuseum Den Haag, Den Haag NL.
  • 2008 – 2009, ‘Picasso and Masters’, Grand Palais, Parijs FR.
  • 2007, ‘Malen gegen die Zeit’, Albertina, Wenen en Kunstsammlung Nordrhein-Westfalen, Düsseldorf DE.
  • 2007, ‘Goya und Picasso – Tauromaquia’, Wallraf-Richartz-Museum, Keulen DE.
  • 2007, ‘Cézanne to Picasso: Ambroise Vollard, Patron of the Avant-Garde’, Art Institute of Chicago US.
  • 2006, Diverse tentoonstellingen ter gelegenheid van de 125e geboortedag.
  • 1993, ‘Die Zeit nach Guernica 1937–1973’, München DE, Kunsthalle der Hypo-Kulturstiftung.
  • 1986, ‘Pastelle, Zeichnungen, Aquarelle’, Düsseldorf DE, Kunstverzameling Nordrhein-Westfalen, Tübingen DE, Kunsthalle.
  • 1971, ‘Retrospectief van een levende kunstenaar’, Louvre, Parijs FR.
  • 1967, Stedelijk Museum, Amsterdam NL.
  • 1939, Museum of Modern Art, New York US, overzichtstentoonstelling.
  • 1955, Tentoonstelling in Parijs FR, München DE, Keulen DE, Hamburg DE.

Galerie exposities: (Solo / Duo / Groep / ?)

  • 1911, Werken van Pablo Picasso in de Galerie 291.
  • 1913, de Armory Show.

Overige exposities: (Solo / Duo / Groep / ?)

  •  1955, Documenta 1, II (1959), III (1964), documenta 6 (1977) documenta 8 (1987) Kassel DE.

Eigen publicaties:
Catalogi:
Boeken:
Artikelen:
Radio / televisie:

  • 2017, Krabbé zoekt Picasso, Televisie-serie.

Video / films:

Websites: nl.wikipedia.org.


Eigen citaten:

  • Art washes away from the soul the dust of everyday life.

Nieuwsberichten:

  • 10.04.2013: Miljardair VS schenkt Metropolitan Museum of Art in New York 78 kunstwerken.
  • 15.07.2013: Over 400 of Picasso’s Artworks Stolen, Claims Artist’s Step-Daughter.
  • 16.10.2012: Kunsthal Rotterdam NL, Zeven schilderijen geroofd uit Kunsthal.
  • 19.08.2012: Lost Picasso Painting Rediscovered in Museum Storage.

Bronnen: Zie publicaties en websites.
Copyright: Stichting Pictoright, Amsterdam NL.
Emailcontact:
Bijgewerkt: 14052012/21072014/23072016/02122017.


Vaak worden alleen de belangrijkste collecties, exposities, publicaties e.d. weergegeven.